1e Lange toertocht

1e Lange toertocht 06 april 2014

Iets voor half negen kwam ik aan op de carpoolplaats vlak bij het Mercure hotel. Er stonden al 5 rijders te wachten en één achterop-zit-vrouw. Eigenlijk moet ik schrijven er stonden slechts 5 rijders te wachten. Na de grote opkomst een week eerder bij de dijkentourtocht, had ik meer rijders verwacht. Wat de oorzaak is, is nog niet bekend. Misschien de miscommunicatie van begin tijdstip. Ergens was ooit te lezen dat de tocht om 13:30 zou vertrekken. Knappe kerel die de ruime 400km dan nog voor het donker weet af te leggen. Of zou het toch de zomertijd zijn geweest. Ach, we hadden daar al 167 uur aan kunnen wennen. Ook niet echt waarschijnlijk.

Zou dan toch buienradar de aanleiding zijn geweest. Goed het weer was minder dan de week ervoor, maar goed genoeg voor ons. Sommige hadden later op de middag nog een verjaardag, dus onwaarschijnlijk dat zij voor de langste lange-toertocht kozen. Jan F gaf aan dat hij wel de langste tocht wilde rijden en ik sloot me daar bij aan. We hebben tot paar minuten over half negen gewacht en ik vertrok als tweede rijder achter Jan aan. Ik schreef al dat sommige nog meer verplichtingen hadden en dat werd al duidelijk op de IJsselbrug. Al snel werden we ingehaald door Jan H, Harrie B en Werner K met duopassagier Lydia.

Jan F had aangegeven dat Chel H bij het tankstation Nunspeet zou wachten. Op een rustig tempo (onder de maximum toegestane snelheid) reden we op de A28 richting Nunspeet. Al turend in de spiegels of we de laatste motorrijder konden zien. Kennelijk had Peter de R er voor gekozen nog langer van de tocht te willen genieten en koos voor een rustiger tempo. Bij Nunspeet stond Chel inderdaad te wachten, via de parkeerkeerplaats pikten wij ‘m op en reden met z’n drieën nu net boven toegestane snelheid door naar afslag Nijkerk. Mijn Garmin navigatie trok rechte lijnen over de A28, maar niet de snelweg volgend. Ach, dat zal zo wel goedkomen, maar toen we de afslag hadden genomen bleef hij dat toen. Dan maar de gele hesjes volgen van Jan en Chel in de prachtige landerijen, waar de appelbomen volop in bloei stonden. Een mooi gezicht, die bloesem, iets waar ik echt van genoot. In Zwartebroek reden we tussen de kerkgangers door naar Achterveld en vervolgens door naar Renswoude. Mooie landelijke weggetjes gevolgd door dorpjes.

In Renswoude heb ik de route maar gewist en opnieuw geladen vanaf de SD kaart. Probleem was waarschijnlijk dat ik op vrijdag de kaartupdate had uitgevoerd. En dat ik de drie versies van de toertocht daarvoor al had geïmporteerd. Na het opnieuw uitrekenen gaf ook mijn Zumo weer aan waar we moesten afslaan. Wel zo fijn. Hoewel we Gelderland droog hadden doorstaan, begon het in Utrecht te regenen. Niet hard, maar toch. Door de bossen van de Utrechtse heuvelrug reden we naar de rivier. Op de Lekdijk ging het bijna mis. Mijn voorband verloor grip op zo’n reparatiestukje dat door de regen erg glad was geworden. Schit, schit (nieuwe spelling) dat is schrikken, maar het liep allemaal goed af.  We reden nu voorzichtiger over het natte wegdek richting de mooie vierkante toren van Wijk bij Duurstede, alwaar we de Lek overstaken.

Aan de overkant was er genoeg animo om een bakkie te doen.  Daar ontmoetten we nog Werner en Lydia. De andere twee hadden geen ‘tijd’ voor koffie en waren doorgereden. Toen wij de koffie/thee geserveerd kregen, vertrok het duo stel weer. Via het kleine Rijswijk, Zoelmond, Beusichem vervolgden we onze weg onderlangs de Lek. Helaas was de hemel nog steeds lek, maar het werd al wel wat lichter in de lucht. Boven Vianen langs, waar we de tank weer volgooiden vervolgden we onze weg langs de Lek via Kortenhoeven, Lexmond naar Ameide. Daar verlieten we de Lek, richting het zuiden op weg naar Noordeloos. Vlak voor Meerkerk was het lek in de hemel ook weer gedicht en droogden de wegen snel op. Hier werd ook de proef gedaan op mijn topografische kennis. Ik moet eerlijk bekennen dat ik nog niet van Goudriaan, Ottoland en Vuilendam had gehoord, net zo als Giessenburg en Hoornaar. We hadden net het station van Hardinxveld-Giessendam rechts laten liggen. Hemelsbreed het verste punt van Zwolle op deze route.  We reden midden in het Groene Hart. Wat is Nederland toch mooi.

Net nog genietend van de fruitbomen in bloei komen we in Arkel terecht. Een 9 hectare groot terrein van Betonson ligt er troosteloos en verlaten bij, sinds de vestiging van de beton fabriek  5 jaar geleden is gesloten.  Toch heeft dat iets zo’n braakliggend terrein. Het leent zich goed voor de fotografie. Een van mijn andere hobbies, maar tijdens de rit geen tijd voor. Vlak voordat we Leerbroek uitrijden doen we eerst de inwendige mens nog te goed bij pannenkoekenrestaurant “Onder de Pannen”.  Voldaan nemen we afscheid en wensen de eigenaresse een drukke middag toe. Wij waren de enige gasten op dat moment. Op de motor ging de topografie les weer verder met Zederik, Lakerveld , Hei- en Boeicop en Schoonrewoerd.

Inmiddels hadden ook andere weggebruikers door dat de zon weer scheen en overal ontdekten we wandelaars, (race)-fietsers en automobilisten op de mooie route. Net als vorige week viel me de verdraagzaamheid op tussen de motorrijders en de overige weggebruikers. Heel af en toe duurt het even voordat de vierwieler door heeft dat wij er langs willen, maar dan geeft hij/zij ons ook alle ruimte. Wellicht dat dit een weekend fenomeen is. In de werkweek merk je weinig van verdraagzaamheid tussen de weggebruikers.

Verder door de zuid Betuwe grofweg langs de Linge ging het weer oostwaarts bovenlangs Geldermalsen en Tiel. Op dit traject ging het voorrijden van Jan wat moeizamer. Jan reed hier wat vaker mis en regelmatig door de berm en weilanden, althans volgens zijn Garmin.  Chel nam hier even het initiatief en onder zijn leiding reden we van Buurmalsen naar Zoelen. Daar had Jan ook weer alle satellieten te pakken en reed ook hij weer op de weg. Ook hier weer alles in mooie bloei. (Hoe vaak mag ik eigenlijk zeggen dat alles in mooie bloei stond). Van de Waalbanddijk steken we over naar de Rijnbanddijk op weg naar Heteren. En dan is het opeens over………de Garmin stuurt ons de A50 op.

We rijden met de verkeerstroom mee richting Zwolle. Bij Epe groet Chel ons met zijn uitgestoken voet en verlaat de snelweg op weg naar Elburg. Op de A28 rijdt Jan (naar ik aanneem) tot afslag Ommen. Ik volg hem echter tot aan afslag Zwolle-Noord. We groeten elkaar en ik rij richting huis. Het liep tegen half zes en had erg zin in een biertje na zo’n fijne dag. De benzinemeter gaf aan dat de motor ook dorst had, dus toch nog maar weer een U-bocht gemaakt naar het tankstation, zodat het beestje met een volle tank de schuur in kon, nadat het zand en andere troep van de motor was afgespoeld en de dagteller van 416.6 naar 0 was ge’reset’.

Al met al een hele mooie en tevens mijn langste rit op de motor.

Peter N


Vorige pagina: Verslagen 2014