Gepassioneerden 2015

Buiten de reguliere ritten van de Motorclub Zwolle e.o. is er natuurlijk ook een "klein"groepje rijders, wat wel in staat is om een dag in de week vrij te maken voor het rijden van een rit.

Midwinterrit op 20 december 2015

Zondagmorgen 10:30 uur, een zestal motorrijders en dus geen rijdsters verzamelde zich op de carpoolplek bij het verkeersplein Spoolde. Na een kleine 10 minuten wachten beseloten om te vertrekken en een door Chel uitgezette route te rijden van ongeveer 190 kilometer. Waarom ik werd aangewezen als voorrijder, is me nog niet helemaal duidelijk, maar ik doe dat natuurlijk met alle plezier.  Via Hattem langs de IJssel naar het zuiden gereden. In Deventer was het i.v.m. de feestelijkheden natuurlijk even wat drukker, maar dat deerde ons niet, wel de grote hoeveelheden modder en zand, die er op de weg lagen. Gelukkig was er nog niemend geweest, die zijn motor grondig had gepoetst. posbankUiteindelijk na wat kleine omzwervingingen aan de koffie op de posbank, waarna de rit via de Veluwe verder ging. Onderweg nog even een pannekoek naar binnen gewerkt en daarna via Elburg weer naar Zwolle. Om half viewr stonden we weer bij de oude IJsselbrug. Een hele mooie rit met prachtig bewolkt weer, dus zonder zonnebril. Chel bedankt en tot volgend jaar.

Bezoek Ommerschans op 10 oktober jl.

Deze keer weer een cultureel-historisch uitje, georganiseerd door Joke. Maar nu wel op zaterdag, om reden dat aldaar gewerkt wordt aan een reconstructie van deze unieke plek, typerend voor de sociaal-economische armenzorggeschiedenis van nederland in de 19e eeuw. Projektleider: Kasper, archeoloog en zoon van Joke.

Voorgeschiedenis

Na de Napoleontische oorlogen begin 19e eeuw was Nederland tot grote armoede vervallen. Voorgaande 17e en 18e eeuw kende Nederland een relatief grote welvaart en veel werkgelegenheid. Daardoor ook veel instroom van buitenlanders. Toch bleven er mensen die zich geen middelen van bestaan konden verwerven en ook wel onaangepast gedrag vertoonden. Zij zwierven rond en belandden doorgaans in de gevangenissen, kampen, werkhuizen of gestichten.

Maar er was toen altijd wel een uitweg, nl.: leger en vloot; die hadden altijd mensen nodig en konden schulden aflossen en afrekenen met hardvochtige magistraten, kwaaie bazen en strenge leermeesters. En een nieuw perspectief en in ieder geval kost, inwoning en geregeld inkomen bieden.

Deze uitwegen bestonden voorlopig rond 1820 niet meer. Op vele plaatsen was tot de helft van alle mensen werkloos en leefde van aalmoezen, diefstal of zwierf rond en bedelde. Op initiatief van een aantal burgers werd besloten dit probleem grootschalig aan te pakken door het oprichten van de “Maatschappij van Weldadigheid”. Overigens ook uit welbegrepen eigenbelang, want ze waren de overlast meer dan zat. Bewindvoerder Generaal Johan van den Bosch.

Er kwamen 3 centra:

  • Willemsoord, Frederiksoord, Vledder en Wilhelminaoord (bij Steenwijk) hier zijn honderden kleine boerderijtjes gebouwd met ieder een paar Ha. Grond, bedoeld voor armen in staat en bereid het boerenvak te leren en keuterboer te worden. De boerderijtjes zijn er nog steeds.

  • Veenhuizen bij Assen, bedoeld voor diegenen die toch wel in staat werden geacht zelfstandig in de maatschappij te kunnen functioneren, maar die nog wel een pittig lesje nodig hadden; onder strenge tucht konden ze tijdens het turfsteken en bomen rooien hun zonden overdenken. Het is nu gedeeltelijk (open)luchtmuseum maar ook nog steeds een gevangenis.

  • De Ommerschans; vaak de eerste opvang, maar ook maar al te vaak eindstation voor mensen met teveel beperkingen om zelfstandig te functioneren

Nederland was hiermee uniek; we hebben hier ook nooit de gewoonte gekend bedelaars, zieken, wezen en ouderen langs de kant van de weg te laten creperen. De grootschaligheid en verbeteraanpak verbaasde buitenlandse

De deelnemers

Bezoekers in hoge mate en die spraken van “Paleizen voor luie armen”. Overigens kon je in die tijd in het modernste land van Europa, nl Engeland, nog opgehangen worden voor het stelen van een brood. Op stakers in de nieuwe fabrieken werd daar door het leger geschoten. In Nederland gebeurde dit alles niet.

De Schans

Voor ik het vergeet: we hebben ook nog motor gereden (ca 100 km), zie plaatje 1. Joke had een route uitgezet via Zalk, Ijsselmuiden, Kamperzeedijk, Hasselt, Lichtmis (langs de Bisschopsschans) en het Reestdal naar de Ommerschans. Daar werden we ontvangen door Kasper en zijn vrijwilligersploeg. Er werd druk gegraven om funderingen bloot te leggen en allerlei voorwerpen te verzamelen (potten, pannen, etc) Zie 3e plaatje

Kasper vertelde uitvoerig, ook aan de hand van afbeeldingen en documenten, over de geschiedenis van de Schans; oorspronkelijk een vestingwerk uit de 17e eeuw, vanaf 1820 opvang van bedelaars en armen.

Het is trouwens niet de bedoeling om de schans volledig te reconstrueren, want dat zou een doublure zijn van Veenhuizen, daar staan immers al dezelfde gebouwen. Ook geen “Disneypark”. Kasper lichtte toe dat gestreefd wordt naar een archeologisch park, wat wel de contouren (funderingen en grachten, deels overwoekerd met bomen en struiken) aangeeft. Bezoekers kunnen zich dan voorstellen wat hier geweest is. We hebben een excursie over het terrein gevolgd, waarbij Kasper de nodige uitleg gaf. Grote indruk maakte het Gestichtskerkhof (5000 graven) De grachten worden op dit moment hersteld. Behalve een kerkje staan er verder geen gebouwen meer.

Het einde van de Ommerschans

De armenzorg was een particuliere aangelegenheid, wel ondersteund door het Rijk. Tegen 1860 kon het Rijk zich niet meer onttrekken aan een veel grotere bemoeiienis op sociaal economisch gebied. De maatschappij werd ingewikkelder en de problemen groter. De regering was genoodzaakt de

opkomende industrie in goede banen te leiden en een infrastructuur te ontwikkelen. Ook groeide de armenzorg de particuliere initiatiefnemers boven het hoofd. Ook bij misstanden zoals bij de particuliere exploitatie van de pas drooggelegde Haarlemmermeer en de onhoudbare situatie op het vroegere eiland Schokland greep het Rijk in.

De drie instelligen werden door het Rijk overgenomen. In Ommerschans is nog geprobeerd de bewoners op te leiden tot landbouwarbeider. Dit is zo lichtte Kasper toe mislukt omdat er vanaf 1870 een grote landbouwcrisis optrad door grote voedselimporten vanuit vooral Amerika. Een aantal bewoners is toch nog elders aan de slag gekomen. (Twentse textiel, turfsteken in Drenthe, vertrek naar Indie, etc) De Schans werd gesloten en afgebroken. In het nabije Balkbrug kwam nog wel een vervolg; een Rijksopvoedingsgesticht, nu een Rijkspsychiatrisch ziekenhuis voor TBS’ers.

Na enkele uren zijn we vertrokken en hebben nog even koffie gedronken bij “Calluna” in Ommen, een gelegenheid waar wel vaker motorrijders komen. De deelnemers staan redelijk herkenbaar op de groepsfoto (plaatje 2) We zullen nog wel eens vaker een motorrit combineren met een interessant uitstapje!

Peter

+++++++++++++++++++++++++

Landgoedrit op 27 oktober 2015

Zo ook afgelopen dinsdagmiddag 27 oktober. Joke had beloofd, dat het mooi weer zou gaan worden, dus met zeven personen (6/1*) verzamelden we ons bij De Nieuwe Bierton. Onze reisleider Wim had een mooie route in zijn hoofd en zonder navi (ja, dat kan ook) op weg. Wim had ons al gewaarschuwd, dat het vandaag niet om het aantal verreden kilometers zou gaan, maar vooral om de informatie, die we onderweg zouden gaan krijgen.  Het verbaasde dan ook niemand, dat we na een paar kilometer al weer stilstonden, bij iets, waar ook de ingeburgerde Zwollenaar vaak geen weet van heeft.

We stonden bij de overblijfselen van de oude steenfabriek in Windesheim.  Ook daar wist Wim het nodige over te vertellen, waarbij zijn achtergrond bij het HCO natuurlijk heel goed van pas kwam. Even later stonden we, nog steeds in Windesheim, bij het landgoed Windesheim. Wat ik wel heb onthouden, is dat sex hier een grote rol heeft gespeeld.

Via mooie binnenwegen langs Het Nijenhuis richting Lemelerveld. Uiteindelijk zaten we chocomelk te drinken bij de vistrap in Hankate. Uit motorkoffers kwamen koekjes, bekers, chocomelk. Na wat balansoefeningen onze rit vervolgd om uiteindelijk via o.a. De Alerdinck en een niet legaal pad te komen bij Soeslo.

Elke Zwollenaar weet Soeslo, maar weinigen zijn er geweest. Dit komt, omdat het particulier terrein is, dus geen vrije toegang. Wim zou Wim niet zijn, als hij dit niet zou hebben omgezet en ja hoor. Het hele terrein, inclusief de appelboomgaard konden wij bekijken en als we Wim niet de mond hadden gesnoerd, was hij nu nog aan het vertellen.

Al met al, in ieder geval voor mij, een leerzame middag.  Wim en Joke, bedankt.

Tonny

* mannen/vrouwen


Vorige pagina: Verslagen 2015
Volgende pagina: Verslagen 2014